Samen

“Blijf zo veel mogelijk thuis”, luidt het dringende advies in deze coronatijden.

Daar houden we ons ook zo veel mogelijk aan en met een tuin en dit stralende voorjaar is dat prima uit te houden. Alleen kon de tuin wel wat frisse kleurige plantjes gebruiken. En daarvoor moesten we toch het huis uit. Een dilemma waar een ondernemende kweker uit Noord-Holland een oplossing voor had: een “drive-through” plantjesmarkt. Coronavrij.

Aangekomen bij de kweker bleek dat hij een lange rij stellingen had geplaatst naast zijn loods. Met de auto kon je daar langs rijden, waarbij een jongeman mee liep. We konden aanwijzen wat we wilden, hij pakte het uit de stelling en zette het dan op een karretje. Aan het einde kon je contactloos betalen en zou de jongeman alles in je auto zetten. We vonden dit wel een veilige, slimme aanpak. Maar de keuze was helaas niet reuze. Óf viooltjes, óf vetplantjes óf een schofterig dure “hanging basket”. En zakken met aarde had hij niet. Terwijl die plantjes toch ergens ín geplant moeten worden.
We besloten dus maar om er niet “through” te rijden.

“Zullen we dan toch maar even een regulier tuincentrum proberen?”, vroeg ik mijn lief. En zo kwam het dat we een goed bezet parkeerterrein van Ranzijn op reden.
“Jeetje, het is veel te druk”, zei C.
“Nou, laten we gewoon maar even kijken bij de ingang. Misschien is iedereen naar de naastgelegen Gamma”, reageerde ik.

Maar bij de ingang bleek al snel dat toch iedereen naar Ranzijn was gegaan. Er stond een dame van Ranzijn die gebruikte karretjes ontsmette en doorgaf aan een klant die al stond te wachten. Iedereen moest een karretje als je naar binnen wilde. Ook als je met z’n tweeën naar binnen wilde: allebei een kar. Een ouder echtpaar kwam aanlopen. De vrouw griste een losstaande kar naar zich toe en liep naar binnen. De man sukkelde sullig achter haar aan.

“Mevrouw”, riep de Ranzijn-dame. “Dat karretje moet ik nog ontsmetten. Kom terug alstublieft”.
Maar de vrouw liep ijzeren Heinig door.
“Mijnheer, terugkomen, u moet ook een karretje. Of u kunt buiten blijven wachten tot uw vrouw weer naar buiten komt”.

De man aarzelde. Normaal kreeg hij zijn orders van zijn vrouw, maar nu was er nóg een dame die hem opdrachten gaf.
“Dacht het niet”, riep de vrouw. “Mijnheer gaat gewoon met mij mee naar binnen”.
Haar man ontspande zichtbaar. De hiërarchie was weer hersteld. Dacht hij.

Een grote, zeer gespierde man met een strak T-shirt en te strakke korte mouwtjes, waardoor zijn armspieren nog beter uitkwamen, liep op de vrouw af.
“U gaat zich gewoon aan de regeltjes houden. Net als iedereen”, sprak hij dreigend tegen de vrouw.
Mopperend werd dit gerespecteerd en met twee ontsmette karretjes ging het stel de winkel in.
Maar het resultaat van dit al was voor ons dat we rechtsomkeert maakten en weer in de auto stapten.

Het was duidelijk dat het voor ons niet de dag van de plantjes zou worden. Dus dan maar een strandwandeling. Hoewel steeds wordt gevraagd om vooral niet naar het strand te gaan, is onze ervaring dat er stukken strand zijn waar je helemaal niemand ziet. We gingen dus niet naar Egmond of Bergen, maar besloten een kijkje te nemen in Petten.

Daar aangekomen viel direct een groot matrixbord op. Hierop verscheen de tekst “Kom niet naar ons strand!”, gevolgd door “Blijf thuis!” en voor wie het nog niet helemaal had begrepen: “Ga weg!”.
Dat laatste deden we toen maar. Duidelijker kan tenslotte niet.

Maar we zijn niet voor één strand te vangen. Dus reden we naar strand Hargen. Onze ervaring is dat het daar onwijs rustig is. En dat was het deze keer gelukkig ook. We hebben daar een heerlijke wandeling gemaakt en als afstand tot andere wandelaars werd meestentijds i.p.v. 1,5 meter 150 meter aangehouden. Soms zelfs 1500 meter. Knap virus dat dat weet te overbruggen.

Weer thuis moesten er nog boodschappen worden gedaan. C. ging naar de supermarkt en bleef in een gangpad wachten op een treuzelende man die te weinig afstand hield.
Toen de man dat zag zei hij “ik voel me prima hoor, van mij wordt u niet ziek”.
“Nou, ik houd me toch liever aan die 1,5 meter afstand”, reageerde zij.
“Lekker slaafs de regeltjes opvolgen hè. Overdreven gedoe”, gromde de man.

Gefrustreerd kwam C. thuis waar ze mij aantrof achter mijn laptop. Ik bekeek een foto van iemand die een matrixbord had gefotografeerd met de tekst: “Samen stoppen we Carola”.
Maar ik heb er zo mijn twijfels over. Niet over Carola, maar wel over dat “samen”.