SVH

Op 17 januari 2019 is het 53 jaar geleden dat twee vliegtuigen boven Zuid-Spanje met elkaar in botsing kwamen en neerstortten. In één er van (een Amerikaanse B52 bommenwerper) zaten 4 waterstofbommen en drie kwamen neer vlakbij het dorp Palomares. Een vierde kernbom belandde in zee en raakte bekend als ‘de verloren waterstofbom’. Omdat de kernkoppen niet geladen waren ontploften ze niet, maar de impact deed ze uiteenspatten, waardoor bijzonder giftig radioactief plutonium werd verspreid.

De Spaanse en de Amerikaanse regeringen hebben toen alles gedaan om de wereld te verzekeren dat er geen gevaar was. De Amerikaanse ambassadeur Biddle Duke kwam zelfs vanuit Madrid naar Palomares om voor de tv-camera’s in zee te gaan zwemmen. Toen een reporter hem vroeg of hij een spoor van radioactieve straling had gemerkt, antwoordde hij lachend: ‘Als dit radioactiviteit is, ben ik er dol op’. (Liegende overheden zijn van alle tijden 😄)

In werkelijkheid was er wel degelijk groot gevaar. En wat niemand weet: het feit dat dit gevaar is afgewend is dankzij mijn koelbloedig optreden. Ik was indertijd namelijk werkzaam als telegrafist bij wat toen nog de PTT heette.

Vaste telefonie ging nog met een draaischijf, gsm’s bestonden nog niet, net als laptops, pc’s of tablets. En als je iets wilde delen met iemand ver weg dan was er het telegram (een soort whatsapp, maar dan op papier). Een telegram werd ‘overgeseind’ naar de plaats van bestemming. Daar werd het uitgeprint op een smalle strook papier, op een formulier geplakt, in een enveloppe gedaan en per motor naar de geadresseerde gebracht. Een fantastisch systeem en dusdanig supersnel dat jouw bericht binnen een dag op de plaats van bestemming was. 😁

Een telegram dat werd overgeseind kreeg een aantal technische specificaties mee, aan het begin van het bericht. Eén daarvan was een aanduiding omtrent de aard van het bericht. ‘LX’ stond voor luxe en betrof meestal een gelukstelegram, ‘urgent’ spreekt voor zich, ‘etat’ was een staatsbericht. Maar het aller-, aller-, aller belangrijkste telegram was er één met de aanduiding ‘SVH’ (Sécurité Vie Humaine). Bij zo’n telegram ging het om mensenlevens. Echter, dit kwam noooooit voor. En omdat het toch nooit voorkwam kreeg de ambtenaar die zo’n telegram correct in ontvangst nam een extra vakantiedag bijgeschreven.

Op 17 januari 1966 zat ik nietsvermoedend bij de ontvangst. En keek naar de strook papier waarop er een telegram binnenkwam.

SVH’, las ik.

Ja hoor’, dacht ik. En draaide een sjekkie, want dat mocht toen nog.

SVH’, las ik nog een keer. En nam nog een trekkie.

SVH’, las ik voor de derde keer. Zou het dan toch….? Echt…?

Mijnheer’ riep ik naar de chef (toen moest je nog ‘U’ zeggen). En die kwam naar me toe.

SVH’ las hij. Maar hij draaide geen sjekkie. Wel belde hij onmiddellijk zijn chef. En die belde zijn chef. En die de zijne (waar ‘zijn’ staat mag ook ‘haar’ gelezen worden, want er waren wel degelijk ook vrouwelijke chefs).

Het resultaat was dat ik steeds meer naar achteren werd geduwd door een paar lagen management die elkaar probeerde te overtroeven in belangrijk haantjes (hennetjes) gedrag.

Kortom: ik heb de wereld behoed voor een nucleaire ramp in Zuid-Spanje door het roepen van ‘mijnheer’ en daarmee daadwerkelijk een extra vakantiedag verdiend.

Geen dank, graag gedaan!